top of page

Studie

Mantel als derde huid

In deze installatie onderzoek ik de grensvervaging tussen kleding als tweede huid en ruimte als derde huid. Waar kleding direct het lichaam omsluit en beschermt, zie ik de derde huid als de schaal waarin iemand zich beweegt: de kamer, het interieur, de woning, een omhullende laag die geborgenheid biedt op architectonische schaal.

​

De mantel vormt het centrale element van het werk. Uitvergroot tot monumentale proporties hangt zij als een textiele architectuur in een vierkante ruimte. Met spankabels is de mantel verbonden aan de wanden, waardoor zij letterlijk en figuurlijk in dialoog staat met de ruimte. De installatie creëert een spanningsveld tussen zachtheid en constructie: het textiel beweegt subtiel, maar wordt tegelijkertijd strak gehouden door de lijnen die haar op spanning brengen. Zo ontstaat een geborgen binnenruimte in een bestaande ruimte, een tweede interieur, een cocon binnen de kamer.

​

De mantel fungeert als metafoor. Waar een jas normaal gesproken het lichaam omsluit, wordt hier de drager opgenomen in de mantel zelf. De bezoeker betreedt als het ware een vergrote kraag, een beschermende plooi die zich niet rond een lichaam maar rond een ervaring vormt. De proportieverschuiving maakt voelbaar hoe kleding en architectuur in essentie dezelfde behoefte beantwoorden: bescherming, identiteit en intimiteit.

​

Mijn inspiratie voor dit werk ligt onder andere bij Issey Miyake, wiens benadering van textiel en plooistructuren kleding transformeert tot ruimtelijke sculpturen. Ook het werk van Do Ho Suh, waarin transparante architectonische huiden herinnering en woning verbeelden, resoneert sterk in deze installatie. De gelaagdheid en sculpturale kracht in de ontwerpen van Yohji Yamamoto vormen eveneens een belangrijke referentie, evenals het lichamelijke en performatieve werk van Rebecca Horn, waarin objecten functioneren als extensies van het lichaam.

​

Daarnaast verwijst de installatie subtiel naar de omhullende kwaliteit van de Feltri Chair van Gaetano Pesce. De hoge, beweegbare rugleuning van deze fauteuil functioneert als een beschermende kraag, een meubel dat zich om de gebruiker vouwt en een gevoel van geborgenheid creëert. In mijn installatie wordt dit principe uitvergroot tot ruimtelijke schaal.

​

Met Mantel als Derde Huid nodig ik de bezoeker uit om stil te staan bij de vraag waar het lichaam eindigt en de ruimte begint. Wanneer wordt kleding architectuur? En wanneer wordt een kamer een jas? De installatie positioneert textiel als een bemiddelaar tussen lichaam en omgeving – als een zachte, beschermende laag waarin identiteit, herinnering en ruimte samenkomen.

 Iefke Machielsen

bottom of page